Introductie
In deze handleiding wordt uitgelegd hoe er exportbestanden vanuit Gebouwprestatie naar de Uniec 3 webapplicatie gemaakt kunnen worden.
Met de Uniec 3 Connect-module kunnen bouwkundige gegevens uit een Gebouwprestatie-model geëxporteerd worden naar Uniec 3. Dit scheelt een hoop invoerwerk.
De invoer van gebouwinstallaties en het genereren van een energielabel wordt in de
UNIEC3-webapplicatie gedaan.
In deze handleiding wordt er vanuit gegaan dat een 3D model reeds is opgezet. Weet je nog niet hoe dit moet? Bekijk hiervoor de artikelen van de Modeller;
Gebouwprestatie | Modeller Kennisbank.
Starten met de berekening
- Maak een nieuwe berekening aan op basis van de Uniec 3 Connect template. Dubbelklik op de template om deze te starten.
Berekeningsopties
Definieer rekenopdrachten
Versie Uniec: Selecteer de juiste Uniec 3-versie.
Exporteer ramen als kozijnmerken: Voor ramen wordt aangeraden om ramen als kozijnmerken te exporteren, dit is compactere uitvoer in Uniec 3. Voor meer aanpassingsvrijheid in Uniec 3, kies dan voor nee.
Samenvoegen vlakken: Het wordt aangeraden omtrekken en constructie samen te voegen, om de hoeveelheid informatie in de export te reduceren.
Samenvoegen lineaire thermische bruggen: Het wordt aangeraden lineaire thermische bruggen samen te voegen.
Samenvoegen gemeenschappelijke ruimten: Voeg gemeenschappelijke ruimtes die gekoppeld zijn aan dezelfde rekenzone (en gebruiksfunctie) samen in de export, om de hoeveelheid informatie in de export te reduceren.
Minimale oppervlakte: Definieer een ondergrens voor oppervlaktes die meegenomen worden in de UNIEC3-export*. Deze optie voorkomt dat de export ‘vervuild’ raakt met kleine oppervlaktes als gevolg van onzorgvuldige modellering.
Gegevens verzamelen: constructies
Projectbibliotheek | Constructies.
- Voeg alle constructies toe aan het project. Bereken de Rc-waarde of U-waarde o.b.v. materiaallagen of vul deze handmatig in.
- Het wordt aanbevolen om met de meest recente NTA 8800 publicatie te rekenen.
Gegevens verzamelen: thermische bruggen
Projectbibliotheek | Thermische bruggen
- Sleep, of kopieer thermische bruggen uit de standaard bibliotheek naar de projectbibliotheek. De waarden zijn ontleend aan bijlage I van de NTA 8800.
- Open de Modeller om de thermische bruggen toe te voegen aan het model. Hoe je dit gemakkelijk kan doen staat beschreven in Toevoegen thermische bruggen voor export naar Uniec 3.
Tip! Sla deze stap over als de thermische bruggen forfairtair uitgerekend kunnen worden. Dit geef je later aan in de workflow.
Ruimtetypes en zonering
Schematisering | Gebouweenheden
Verbind de ruimtes met een gebouweenheid (unit) en zorg dat ze de juiste gebruiksfunctie hebben toegewezen. In de afbeelding hierboven is weergegeven uit welke gebouweenheden het voorbeeldproject bestaat.
Zie hieronder een overzicht voor de meest voorkomende gebruiksfuncties voor de export naar Uniec 3:
Projecttype | Grondgebonden woning | Appartementengebouw |
Gebruiksfunctie | Woonfunctie | Woonfunctie |
Subgebruiksfunctie | Woning | Woongebouw |
Gemeenschappelijke ruimte _______________
Gebruiksfunctie Algemeen gemengde functie
Voor het exporteren van een utiliteitsgebouw, selecteer een utiliteitsfunctie als Gebruiksfunctie bij de desbetreffende ruimtes. Voor combinatiegebouwen kunnen er verschillende exports gemaakt worden voor Uniec 3.
Let op! Pas hier de gebruiksfunctie aan voor gemeenschappelijke ruimtes, om deze later te kunnen koppelen onder de workflow tab Gemeenschappelijke ruimten.
Gemeenschappelijke ruimtes
Schematisering | Gemeenschappelijke ruimten
Tip! Zijn er geen gemeenschappelijke ruimten zichtbaar om te koppelen? Scroll dan terug naar Ruimtetypes en zonering.
Rekenzones
Schematisering | Rekenzones
Koppel hier ruimtes aan de desbetreffende rekenzone. In Uniec 3 is het mogelijk om installaties aan de rekenzones te koppelen.
Tip! koppel in één keer alle ruimtes van een gebouweenheid aan een rekenzone. Dit is mogelijk door een verbinding te maken tussen de gebouweenheid naam (met een ruitvormig icoon) te verbinden met een van de rekenzones. In dit voorbeeld zou dat Gebouweenheid A (5400- A) kunnen zijn en rekenzone A.
Werk je liever in de Modeller? In de Modeller is het ook mogelijk om rekenzones aan te maken en ruimtes te koppelen.
Infiltratie
De infiltratie berekeningsmethode hangt van het gebouwtype af:
- Kies Per gebouweenheid als het een woongebouw met meerdere appartementen of projectwoningen betreft, of als er per gebouweenheid gerekend dient te worden.
- Kies Per gebouw in alle overige gevallen.
- Reken met Forfaitaire waarden als qv,10,spec niet bekend is.
- Of kies Eigen invoer als qv,10,spec bekent is. Vul per gebouweenheid de qv,10,spec in.
- De buitenwerkse gebouwhoogte [m] en daktype moeten bekend zijn.
- Uitvoeringsvariant. Voor gebouwtype appartementengebouw/woongebouw moet de uitvoeringsvariant op Meerlaagsgebouw geheel staan als de energieprestatie voor het gebouw berekend moet worden. Voor gebouwtype appartementengebouw/woongebouw waar de berekening per gebouw en per appartement berekend dient te worden, kies een van de andere opties met meerlaags.
Thermisch werkzame massa
Bouwkundig | Thermisch werkzame massa

Er zijn drie opties voor het invoeren van de thermisch werkzame massa.
Forfaitaire waarden: Bepaal de thermische werkzame massa aan de hand van de bouwwijze vloeren, wanden en plafonds. Pas de invoer aan voor de versie van Uniec 3 die geëxporteerd moet worden.
Eigen invoer Cm;int;eff (effectieve interne warmtecapaciteit): vul een eigen waarde Effectieve interne warmtecapaciteit in kJ/K. Voer deze in per gebouweenheid voor projectwoningen. Deze optie kan vanaf Uniec versie 3.4 niet gebruikt worden voor woongebouw met een uitvoeringsvariant anders dan "Geheel gebouw".
Eigen invoer Dm;int;eff (specifiek interne warmtecapaciteit): vul een eigen waarde Specifieke interne warmtecapaciteit in [kJ/(m2.K)]. Voer deze in per gebouweenheid voor projectwoningen.
Vlakken
Kruipruimtes
Selecteer de begane grond vloeren om de kruipruimte informatie toe te voegen. Hiervoor moet de aangrenzing van de begane grond vloeren aangepast zijn naar Kruipruimte / Onverwarmde kelder (deze invoer kan aangepast worden bij de desbetreffende vlakken in de Modeller). Voor de kruipkelder kan je de constructie (bf) en constructie (bw) invoeren dmv het selecteren van een constructie of een van de opties in het keuzemenu te selecteren. Zie afbeelding hieronder voor de uitleg van de constructie bf en bw.
Afbeelding uitleg constructie bf en bw
Verder is het mogelijk de oppervlakte ventilatieopeningen per meter omtreklengte aan te geven.
Tip! Gebruik groepsaanpassing om deze gegevens in één keer voor meerdere vlakken aan te passen.
Deelkaders
Zijn er deelkaders nodig voor de openingen in het gebouw? Deze kunnen toegevoegd worden in de Modeller en de beschrijving is te vinden hier;
Deelkaders bij kozijnmerken.
Thermische bruggen plaatsen
Bouwkundig | Plaatsing thermisch bruggen
Per gebouweenheid is het mogelijk aan te geven om de thermische bruggen forfaitair of uitgebreid uit te rekenen. Klik op een van de ruimtes in de gebouweenheid om de Methode thermische bruggen aan te passen naar Forfaitair of Uitgebreid. Wanneer de methode op Uitgebreid staat, kan er in de Modeller thermische bruggen aan het model toegevoegd worden. Voor meer informatie scroll terug naar stap Gegevens verzamelen: thermische bruggen.
Bouwkundig | Beschaduwingselementen
Er zijn twee methodes om de belemmeringen te definiëren. Pas de methode aan bij Belemmeringen invoer. De beschrijving van de verschillende methodes volgt hieronder.
Afmetingen
Dit is de eenvoudige methode uit de NTA8800 die gebruik maakt van tabellen met voorgedefinieerde beschaduwingsreductiefactoren per maand voor koude en warmte. Hierbij worden verschillende typen belemmeringen onderscheiden waarvan de afmetingen bepaald worden.
- Minimale belemmering
- Volledige belemmering
- Overige belemmering
- Overige belemmering met overstek
- Constante belemmering
- Constante overstek
- Zijbelemmering links
- Zijbelemmering rechts
- Zijbelemmeringen beide zijden
Maandelijkse factoren (aanbevolen)
Deze methode rekent volgens de uitgebreide methode zoals beschreven in de NTA8800 in 17.3.8. Deze methode berekent de beschaduwingsreductiefactoren op basis van de geometrie zoals die is getekend in de Modeller op basis van de NEN5060.
De methode Maandelijkse factoren wordt aanbevolen omdat de methode met afmetingen niet in alle gevallen de juiste afmetingen. Bij de uitgebreide methode kan scherper gerekend worden door gebruik te maken van het 3D model en niet te rekenen met standaardwaardes.
Zonwering
Navigeer naar Bouwkundig | Zonwering.
- Selecteer de zonweringsregelingmethode.
- Vul de positie, type en kleurklasse in.
- Selecteer alle kozijnmerken waarvoor het type zonwering van toepassing is.
Let op! Vaste horizontale lamellen, verdraaibaar staan bij permanente zonwering. Vervolgens wordt er ook om een regeling gevraagd.
Exporteren
Navigeer naar Bouwkundig | Exporteren naar Uniec 3.
- Selecteer het type gebouw wat voor het project van toepassing is.
- Druk op het folder-icoontje.
- Kies een opslagplek en kopieer het pad naar het invoerveld.
- Druk op de puntjes en geef het exportbestand een naam.
- Er kan nu een UNIEC3connect-bestand worden geëxporteerd. Eventueel zijn er waarschuwings- of foutmeldingen bij de export, controleer deze voordat je doorgaat.
Exportbestand importeren in Uniec 3
Login op UNIEC3
- Selecteer de doellocatie in de mappenstructuur.
- Druk op de drie puntjes.
- Kies voor bestanden importeren.
- Open één of meerdere Uniec 3 Connect-bestanden.